Africhting

VERKEERS ZEKERE HOND

Trainingen voor het examen voor VZH volgen meestal op de gedrag- en gehoorzaamheidstrainingen en zijn in ieder geval altijd opgenomen in de IBGH-training. Dit laatste is noodzakelijk omdat een hond die het VZH-diploma nog niet bezit geen IBGH-examen mag doen (FCI voorschrift).

Bij het A-gedeelte wordt een hoge mate van appèl vereist: bijzonder goed en attent volgen, ook zonder lijn, waarbij 2 schoten met een alarmpistool worden gelost, zit-oefening met doorlopen geleider zonder enige inwerking, af-oefening idem met voorroepen en aan de voet. Bij voldoende punten voor A wordt het B-gedeelte uitgevoerd bij drukker verkeer, waar de hond appèl-oefeningen moet uitvoeren zonder schrikachtig gedrag te vertonen.

INTERNATIONALE GEBRUIKSHONDEN PRÜFUNGS ORDNUNG (IGP)

De trainingen voor IGP vinden plaats op zaterdag (tussen 9.00 en 15.00 uur) en woensdag (tussen 19.00 en 22.00 uur). De IGP training bestaat uit speuren, appèl en pakwerk (samen ook wel kortweg africhting genoemd) en wordt bij ons met veel aandacht en zorgvuldigheid opgebouwd.

Afd. A: Speuren

De hond moet bij IGP I een door de geleider uitgelopen spoor volgen, bij IGP II en III een door een vreemde uitgelopen spoor. Het spoor is tussen 450 en 800 pas lang met meerdere hoeken en enkele voorwerpen, die de hond moet verwijzen of apporteren. Het spoor is tussen 20 min. en 1 uur oud.

Afd. B: Appèl

Diverse appèl-oefeningen, o.a. vrij volgen, test schotvastheid, zit-oefening, af-oefening, sta-oefening, apporteren zowel over vlakke grond als over haag 1 m. hoog en klimschutting 1.80 hoog, vooruitsturen.

Afd. C: Verdedigingsdienst

Oftewel pakwerk. De hond moet o.a. de “boef” vinden door het terrein af te revieren, als hij de boef gevonden heeft, aanblaffen, bewaken, hard en overtuigend stellen door hem in de mouw te bijten bij overval of vlucht, stevig vast te houden en onmiddellijk op commando weer loslaten en bewaken, de boef op transport brengen.

Tijdens de training zult u overigens merken dat de honden alleen gefixeerd raken op het willen hebben van de mouw; bij de honden is geen sprake van werkelijk kwade bedoelingen tegenover de “man in het pak”. Het is allemaal één groot spel voor baas, hond en pakwerker, waar echter wel flink voor getraind moet worden.

Verder is er voor boxers met een bijzondere aanleg voor speuren de mogelijkheid deel te nemen aan het examen voor speurhond.

Speurhond I en Speurhond II

De moeilijkheidsgraad van het speuren binnen het IGP is hier nog flink verhoogd. Er moet gespeurd worden over verschillende ondergronden, bijv. gras en akker, het spoor moet een weg doorkruisen, er worden verleidingssporen door het authentieke spoor gelopen en er zijn meer hoeken en meer voorwerpen. Het spoor is tussen 1400 en 2000 pas lang en is drie uur oud.